Het screenen op angst, depressie, trauma en distress zou deel moeten zijn van de routinezorg. Op moeilijke momenten is extra aandacht vereist. Bv. als de patiënt hervalt of een nieuwe diagnose krijgt. Of als hij in een transitiefase zit, een dierbare verliest, een andere grote gebeurtenis met een negatieve impact meemaakt.
Vragen als leidraad
Deze vragen kan u op regelmatige basis aan uw patiënt stellen. Ze bieden een leidraad om te screenen op een distress.
Vraag de patiënt hoe hij de afgelopen twee weken ervaarde.
- Was u de afgelopen twee weken angstig of nerveus?
- Had u zorgen of angsten over (de gevolgen van) uw ziekte?
- Had u zorgen of angsten over andere zaken?
- Had u moeite om uw zorgen te beheersen?
- Was u de afgelopen twee weken verdrietig of depressief?
- Had u minder interesse of plezier in uw activiteiten dan anders?
- Had u verdriet of depressieve gevoelens?
- Om te screenen op trauma:
- Had u nachtmerries of gedachten over (de gevolgen van) uw ziekte of behandeling?
- Hebt u geprobeerd om niet te denken aan (de gevolgen van) uw ziekte of behandeling? Hebt u manieren gezocht om te vermijden dat u daaraan denkt?
Antwoordt de patiënt ja op één van de vragen, stel dan bijkomende vragen:
- Had u daardoor moeite om te functioneren en uw dagelijkse activiteiten uit te voeren?
- Ondervond u moeite om te slapen?
- Had u moeite om u te concentreren?
Antwoordt de patiënt ook positief op de bijkomende vragen, dan heeft hij duidelijk hulp nodig.
Let wel: moeite om te slapen of moeite om zich te concentreren kunnen ook geïsoleerde problemen zijn.
Lastmeter
U kan ook de lastmeter als screeningsmiddel gebruiken. Onder ‘emotionele problemen’ en ‘spirituele problemen’ geeft de patiënt aan of hij problemen met het mentaal welzijn ervaart. Dat helpt u om in te schatten of doorverwijzing noodzakelijk is.