Bij een frozen shoulder, stijve schouder of adhesive capsulitis ontstaat er een ontsteking, vergroeiing en verstijving van de weefsels in het schoudergewricht. Dat maakt de schouder stijf en pijnlijk.
Oorzaken
Een frozen shoulder komt voor bij ongeveer 2 procent van de bevolking. De exacte oorzaak is nog niet helemaal duidelijk. Vaak gaat het om een combinatie van verschillende factoren.
Een frozen shoulder treedt meestal op bij patiënten tussen de 40 en 60 jaar oud en vaker bij vrouwen dan bij mannen. Mensen met diabetes hebben een grotere kans. Een stijve schouder kan ook een complicatie zijn na een trauma of operatie.
Symptomen
De voornaamste klachten zijn pijn in de schouder en bovenarm, stijfheid en bewegingsbeperking. We onderscheiden drie fases die elk gemiddeld vier maanden duren.
Fase 1: het bevriezen
- Ernstige en toenemende pijn
- Toenemende stijfheid
- Nachtelijke pijn
Fase 2: de bevroren fase
- Vermindering van de pijn
- Zeer beperkte beweeglijkheid
- Ernstige stijfheid
Fase 3: de dooi
- Vermindering van de pijn
- Toenemende beweeglijkheid
Onderzoek en diagnose
Je arts stelt vragen over de klachten en voert een uitwendig onderzoek uit.
Met een röntgenfoto en echografie sluiten we andere oorzaken van de pijn uit.
Behandeling
Conservatieve behandeling
Een frozen shoulder wordt in de eerste plaats zonder operatie (conservatief) behandeld. Dat gaat gepaard met een langdurig genezingsproces. Hoe sneller de frozen shoulder wordt ontdekt, hoe beter.
- Pijnmedicatie: paracetamol en ontstekingsremmers
- Fase 1: rust, geen kinesitherapie, één of meerdere injecties met cortisone (ontstekingsremmend)
- Fase 2: kinesitherapie: massages, mobilisatie- en rekoefeningen, thuisoefenprogramma
Operatie
Een operatieve behandeling is eerder zeldzaam en wordt toegepast als de conservatieve behandeling niet succesvol is.
Verloop operatie
Via een kijkoperatie (artroscopie) wordt het littekenweefsel verwijderd en worden alle spieren en pezen vrijgemaakt. Je verblijft één nacht in het ziekenhuis.
Complicaties
Na elke operatie zijn complicaties mogelijk. Gelukkig zijn ze eerder zeldzaam. De meest voorkomende zijn problemen met de verdoving, een infectie, bloeduitstorting, wondproblemen en schade aan de zenuw.
Revalidatie en herstel
Je volgt kinesitherapie en een thuisoefenprogramma.