- Gewicht monitoren
- Gezond eten en voldoende drinken
- Omgaan met smaak- en reukveranderingen
- Voedingssupplementen vermijden
- Hormoonverstorende stoffen vermijden
Gewicht monitoren
Een regelmatige gewichtscontrole is van cruciaal belang in de nazorgfase, zeker bij een risico op ondervoeding of op een aanzienlijke gewichtstoename. We raden de patiënten thuis aan om zich 1 of 2 keer per week te wegen na de ochtendmictie.
Bij een gewichtstoename of ondervoeding raden we aan om:
- een gewichtslijst bij te houden en voor te leggen aan de arts, verpleegkundige of diëtist tijdens een controleconsultatie
- een eetdagboek bij te houden gedurende 1 week
Let wel: de patiënt gebruikt het best altijd dezelfde weegschaal, want twee weegschalen geven vaak een ander resultaat.
Gezond eten en voldoende drinken
Het Vlaams Instituut Gezond Leven licht uitgebreid toe wat gezond eten is aan de hand van de voedingsdriehoek. Alvast drie belangrijke uitgangspunten voor patiënten na kanker:
1. Drink voldoende water
Kies voor kraanwater: het is gezond en beter voor het milieu. Dat advies geldt niet voor immuungecompromitteerde patiënten.
2. Eet meer plantaardige dan dierlijke voeding
Meer:
- Groenten, bij voorkeur volgens het seizoen
- Fruit: 2 à 3 stukken per dag
- Peulvruchten, bv. kikkererwten, bonen en linzen, zijn een goed alternatief voor vlees
- Noten
- Volkoren graanproducten
Minder:
- (Rood, bewerkt) vlees
- Bereide voedingswaren: vaak zijn ze heel zout en bevatten ze bewaarmiddelen
- Lege calorieën: vette snacks, frisdranken, suikerrijke tussendoortjes …
- Overconsumptie
3. Eet en drink zo weinig mogelijk lege calorieën
Lege calorieën leveren energie, maar hebben weinig tot geen nuttige voedingsstoffen. Ze bevatten vooral suiker en vet. Bv. frisdranken, chips, koeken.
Ze helemaal schrappen hoeft niet, maar probeer de producten minder vaak en in kleinere porties te eten.
Omgaan met smaak- en reukveranderingen
Smaak- en reukveranderingen komen geregeld voor bij patiënten na een kankerbehandeling en kunnen zowel van tijdelijke als van blijvende aard zijn. Ook een droge mond wordt vaak gemeld (xerostomie). De oorzaak kan de tumor zelf zijn, maar ook chemotherapie (vooral met cisplatinum, cyclofosfamide, methotrexaat, 5FU en doxorubicine) of radiotherapie in het hoofd-halsgebied.
Deze tips kunnen patiënten helpen om met smaak- en reukveranderingen om te gaan.
- Probeer verschillende smaken uit en varieer voldoende tussen zoete, zoute, zure en bittere smaken. Sta open om nieuwe gerechten, smaken en bereidingswijzen te proberen. Gerechten die u vroeger niet lustte, smaken nu misschien wel en omgekeerd.
- Probeer voldoende te drinken, minstens 1,5 liter per dag. Een vieze smaak in de mond is soms te wijten aan te weinig drinken.
- Gebruik bij een verminderde smaakwaarneming of bij een vieze smaak extra kruiden. Kies voor voedingsmiddelen met een uitgesproken smaak zoals haring of gerookt vlees.
Indien de patiënt sterke smaak- en reukveranderingen ervaart, is doorverwijzing naar een oncodiëtist aangewezen.
Voedingssupplementen vermijden
Veel patiënten gebruiken tijdens of na de kankerbehandeling voedingssupplementen, maar melden dat niet aan hun zorgteam. Met de supplementen hopen ze hun weerstand te verhogen, de nevenwerkingen van de behandeling te verminderen … Sommige supplementen hebben een neutraal of misschien zelfs positief effect, andere hebben ongewenste effecten en interageren met de behandeling.
Om ongewenste bijwerkingen te vermijden, bespreekt u het best voedingssupplementen met uw patiënt. De Stichting tegen Kanker biedt op www.kanker.be/voedingssupplementen een gratis applicatie die gedetailleerde informatie geeft over de 25 meest gebruikte voedingssupplementen: over de positieve en negatieve effecten en over de mogelijke interacties met kankerbehandelingen.
Routinematig gebruik van voedingssupplementen wordt niet aanbevolen voor kankerbestrijding Bovendien zorgt een evenwichtig voedingspatroon ervoor dat het lichaam alle voedingsstoffen krijgt die het nodig heeft. Extra vitamines, mineralen, eiwitten … zijn niet nodig. Indien de patiënt een gezond voedingspatroon en absorptie heeft, beveelt u hen dan ook beter aan om voldoende voedingsstoffen uit eten te halen in plaats van te vertrouwen op voedingssupplementen.
Hormoonverstorende stoffen vermijden
Een stof is hormoonverstorend als die het hormonensysteem beïnvloedt en zo een ongewenst gezondheidseffect veroorzaakt. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) hanteert deze definitie: ‘Een stof wordt als hormoonverstorend beschouwd als die het functioneren van het hormoonsysteem zodanig beïnvloedt dat een ongewenst gezondheidseffect wordt veroorzaakt bij het individu of zijn nageslacht.'
Ongewenste gezondheidseffecten zoals een verminderde vruchtbaarheid of het ontwikkelen van sommige tumoren worden soms aan hormoonverstoorders gerelateerd. Concreet gaat het over stoffen zoals parabenen, bisfenol A, bepaalde pesticiden.
Hormoonverstorende stoffen zitten overal in onze leefomgeving: in cosmetica, speelgoed, elektronica, maar ook in voeding. Het is onmogelijk om er niet mee in contact te komen, maar je kan ze wel zo goed als mogelijk proberen te vermijden. Zo kan je groenten eerst wassen, nieuw keukengerei eerst afwassen, blikvoeding vermijden, eten in een glazen potje opwarmen in de microgolf …
Meer info
- Hormoonverstorende stoffen: info en tips (Alles over kanker)
- Yuka: met deze app kan u de barcode van cosmetica- of voedingsproducten scannen om te zien of ze gezond zijn en of er hormoonverstorende stoffen aanwezig zijn. De app is gratis beschikbaar op Android via Google Play.