Niet-farmacologisch
Pijn bespreken
- Een eerste stap is patiënten hun verhaal laten doen. Luister en stel vragen, zodat ze zich erkend en begrepen voelen.
- Bevraag de specifieke klachten en exploreer ze verder.
- Ga na of de pijn acuut of chronisch is.
- Ga na in welke mate pijn de patiënt belemmert in het dagelijks leven.
- Informeer vervolgens de patiënt over mogelijke pijnproblemen na kanker en over hoe chronische pijn ontstaat.
- Norminaliseer pijn na kanker. Patiënten voelen zich daardoor vaak minder alleen. Het helpt hen ook om de pijn te leren herkennen en aanvaarden.
- Patiënten moet in zekere zin met pijn leren omgaan. Het is belangrijk dat u de patiënt daarbij ondersteunt.
Activiteiten
Acceptatie-oefeningen en mindfulness
Bij chronische pijn is er vaak geen pasklare oplossing voorhanden. Patiënten moeten in de eerste plaats aanvaarden dat het pijnprobleem mogelijk onoplosbaar is.
Aanvaarding gaat over het op zoek gaan naar een waardevol leven ondanks beperkingen. Zo kunnen patiënten die hun job niet meer kunnen uitoefenen, stilstaan bij wat hun job zo waardevol maakte: sociaal zijn, teamwork, zelfstandig zijn, inspirerend zijn ... Mogelijk kunnen ze die waarden op een andere manier invullen: vrijwilligerswerk, een opleiding volgen …
Een patiënt getuigt: ‘Ik heb mijn beperkingen leren aanvaarden en wat er nog is, leren omarmen. Ik heb mijn gevoel van eigenwaarde opgekrikt. Dat is onbetaalbaar. ‘
Therapieën gebaseerd op mindfulness of acceptatie focussen op het bewust worden en het aanvaarden van de pijnervaring op zich. Negatieve gedachten en gevoelens die ermee gepaard gaan, moet je proberen los te laten.
Ook acceptance and commitment therapie (ACT) bij een psycholoog kan helpen in het aanvaardingsproces.
Fysieke activiteit – meer bewegen
Een actieve levensstijl na een kankerbehandeling heeft een positief effect op de levenskwaliteit. Daarover bestaat een grote evidentie. Het draagt bij tot het herstel en helpt nevenwerkingen van de behandelingen te verminderen zoals vermoeidheid, gewichtstoename, verlies van botdensiteit, cognitieve disfunctie, angst, depressie en ook pijn.
Bewegen zorgt niet alleen voor afleiding, maar activeert ook het pijndempend systeem. Uit onderzoek blijkt dat 30 minuten matige fysieke activiteit, bv. wandelen of fietsen, volstaat om ons pijndempend systeem te activeren.
Belangrijk is dat patiënten hun grenzen niet overschrijden. Ze moeten geleidelijk aan opbouwen en leren doseren door bv. activiteiten te spreiden en af te wisselen tussen rust en inspanning.
Lees meer over bewegen na kanker.
Hulpverlening
Psychologische ondersteuning
Bij sommige mensen staan angst en zorgen over pijn sterk op de voorgrond. Dat merk je als patiënten aangeven dat ze met niets anders bezig zijn of dat pijn een duidelijke impact heeft op hun dagelijks functioneren. In dat geval is gespecialiseerde psychologische begeleiding aanbevolen.
Tijdens de sessies bij de psycholoog wordt gewerkt rond verlies, acceptatie en betekenisgeving. Er kunnen ook copingvaardigheden worden aangeleerd om beter met pijn te leren omgaan. De focus ligt niet zozeer op de pijn zelf, maar wel op de beperkingen en de mogelijkheden die pijn met zich meebrengt.
Kinesitherapie
Ook kinesitherapie kan helpen om de pijnervaring of de functionele beperkingen ten gevolge van pijn te verlichten. Samen met een kinesitherapeut wordt op zoek gegaan naar gepaste bewegingen en oefeningen, maar ook naar houdingen bij het zitten, staan of liggen.
Pijnkliniek
Het multidisciplinaire team van de Pijnkliniek kijkt vanuit verschillende invalshoeken naar het pijnprobleem en gaat op zoek naar de beste behandeling. Zo kunnen er gespecialiseerde technieken worden toegepast zoals neurostimulatie of infiltraties. Zulke invasieve ingrepen kunnen voor een pijnverlichting zorgen.
De Pijnkliniek biedt ook niet-medische behandelingen aan zoals pijneducatie en groepsprogramma’s bij een psycholoog die werken rond aanvaarding, of individuele sessies bij een psycholoog of kinesitherapeut.
Acupunctuur
Acupunctuur wil een therapeutisch effect verkrijgen door bepaalde punten op het lichaam te stimuleren. Onderzoek bij borstkankerpatiënten wijst uit dat het mogelijk helpt bij gewrichts- en zenuwpijn. Acupunctuur kan ondersteunend werken, maar de pijnmedicatie niet vervangen.
Farmacologisch
Bij acute kankerpijn kunnen zowel niet-opioïden als opioïden verlichting geven van de pijn. De WHO-pijnladder adviseert een stapsgewijze behandeling op basis van pijnintensiteit.
- Als eerste stap beveelt de WHO een niet-opioïde aan zoals paracetamol, al dan niet in combinatie met een niet-steroïdaal anti-inflammatoir middel (NSAID) zoals ibuprofen of diclofenac.
- Als tweede stap wordt een zwakwerkend opioïde toegevoegd (codeïne of tramadol). Vaak wordt meteen een sterker opioïde voorgeschreven omdat de patiënt dat nodig heeft en de bijwerkingen dezelfde zijn.
- In de derde stap wordt het zwakwerkende opioïde vervangen door een sterkwerkend opioïde zoals morfine, fentanyl, oxycodon of methadon. Die stap is aangewezen bij bv. doorbraakpijn.
Bij langdurig gebruik van opioïden kunnen nevenwerkingen optreden zoals:
- Constipatie
- Misselijkheid
- Pyrosis (brandend maagzuur)
- Wazig hoofd
- Sufheid en vermoeidheid
Bij sommige pijnvormen volstaan pijnstillende geneesmiddelen niet. Ze zijn dan niet de meest geschikte behandeling voor het soort pijn waarmee patiënten geconfronteerd worden. Bij chronische pijn is de werkzaamheid van pijnmedicatie lager dan bij acute pijn. We moeten ook rekening houden met de mogelijke bijwerkingen.
Bij neuropatische en nociplastische pijn kan deze medicatie wel een optie zijn:
- Paracetamol
- Atypische analgetica (zoals antidepressiva en anti-epileptica)
Daarnaast is het belangrijk om beroep te doen op niet-farmacologische interventies.