Bij een duplexechografie kijkt de arts niet alleen naar de echografische beelden, maar meet hij ook de snelheid van het bloed in de aders of de slagaders. Dat doet hij met behulp van de dopplertechniek.
Met dit onderzoek kan de arts uitmaken of er vernauwingen of verstoppingen zijn, bijvoorbeeld door slagaderverkalking (arteriosclerose) of een bloedklonter (trombose).
Soorten duplexonderzoek
Bij een duplexonderzoek van de armen en de benen maken we een onderscheid tussen de slagaders (arteriën of arterieel) en de aders (venen of veneus).
Voor het onderzoek van de aders is het belangrijk om te weten wat de reden voor het onderzoek is. Wil de arts een klonter (trombose) uitsluiten of een ontsteking van de aders (tromboflebitis), dan kan u gewoon een afspraak maken.
Voorbeelden van andere duplexonderzoeken zijn: een duplex van de aorta, leverbloedvaten, bloedvaten van de nieren, bloedvaten van het kleine bekken, enzovoort.
De voorbereiding
Voor een duplexonderzoek van de buik moet u minstens vier uur nuchter zijn. Dat betekent dat u vier uur voor het onderzoek niets meer gegeten hebt, geen frisdranken hebt gedronken en niet hebt gerookt. Noodzakelijke medicatie mag u wel innemen.
Voor een duplexonderzoek van de hals, de armen of de benen moet u niet nuchter zijn.
Het onderzoek
Voor het onderzoek moet u de onderzochte lichaamsdelen ontbloten, zodat de arts de echogeleide gel kan aanbrengen en het onderzoek kan uitvoeren.
De arts kan u tijdens het onderzoek enkele keren vragen om de adem in te houden. Dat is nodig om de stroomsnelheid van het bloed correct te kunnen meten.
Het onderzoek duurt 15 tot 45 minuten, afhankelijk van het type onderzoek.
Na het onderzoek
Er zijn geen speciale aandachtspunten waarop u moet letten na het onderzoek.
De resultaten
We bezorgen de resultaten van het onderzoek aan uw verwijzende arts. Die zal ze met u bespreken.