Met een uroflowmetrie meten we hoe krachtig je plast. Zo krijgt de uroloog meer inzicht in je plaspatroon.
Hoe verloopt het onderzoek?
Je komt voor dit onderzoek met een volle blaas naar de consultatie. Zo geeft de uroflowmetrie een zo natuurlijk mogelijk beeld van je plasstraal.
Je plast rechtstaand of zittend in een speciaal toilet met een roterend schijfje op de bodem.
Heb je bij je aankomst nog geen volle blaas? Dan drink je het best vier bekers water en wacht je tot je voldoende aandrang voelt om te plassen.
Moet je tijdens het wachten dringend plassen? Meld dat dan aan een verpleegkundige. Zo kunnen we het onderzoek uitvoeren voordat je naar het gewone toilet gaat.
Wat meten we?
Aan de hand van de plascurve beoordelen we:
- de maximale snelheid waarmee je plast in milliliter per seconde
- hoelang het duurt voor je die maximale snelheid bereikt
- de totale hoeveelheid urine die je plast
- de vorm van de plascurve