Na de amputatie van een lidmaat streven we bij de revalidatie een zo goed mogelijk functieherstel na. Daarvoor gebruiken we onder meer exoprothesen: een kunstarm of -been.
Revisiechirurgie
Soms lukt het functieherstel minder goed, bijvoorbeeld als de stomp heel kort is. Soms houdt het verkregen resultaat na een aantal jaar niet langer stand door pijn, een drukletsel in de prothesekoker enz.
Het multidisciplinaire revalidatieteam evalueert dan de situatie en overweegt de passende heelkundige behandelingsopties:
- om het gebruik van een kokerprothesen te vergemakkelijken
- om zenuw- en fantoompijn te verlichten, bv. neuromachirurgie (een zenuwlitteken uit de contactzone losmaken en naar de diepte verplaatsen) en herbezenuwing (TMR en RPNI)
- om de aansturing van een myo-elektrische prothese te verbeteren (targeted muscle reinnervation – TMR)
Kunnen de problemen met een kokerprothese niet opgelost worden, dan biedt bij sommige patiënten een osseogeïntegreerde prothese een uitkomst. We plaatsen dan een implantaat in het bot dat door de huid naar buiten komt. De kunstarm of het kunstbeen kan daaraan gekoppeld worden zonder gebruik van een koker (klikprothese of osseo-integratieprothese).
Bij alle mogelijke behandelingen moeten we de voor- en nadelen afwegen. Elke ingreep kent risico’s. Ook belangrijk om aan te stippen: na revisiechirurgie volgt altijd een nieuwe revalidatie.
Multidisciplinaire consultatie
Minstens tweemaal per jaar organiseren we samen met de dienst Fysische geneeskunde en revalidatie de multidisciplinaire consultatie ‘gespecialiseerde amputatiezorg’. Zowel chirurgen, revalidatieartsen, kinesitherapeuten, ergotherapeuten als bandagisten nemen eraan deel. Daardoor is de consultatie ideaal om complexere behandelingen in te plannen en op te volgen.
Ook voetchirurgen, oncologische orthopedisten en traumachirurgen worden bij de consultaties betrokken.