De slokdarm bestaat uit drie delen: een bovenste deel in de hals, een deel in de borstholte en het onderste deel in de buikholte. De slokdarm kruist dus een aantal belangrijke structuren zoals het hart, de longen, grote bloedvaten, de luchtpijp, lymfevaten enz. Die ligging maakt slokdarmheelkunde uitdagend, zowel voor de chirurg als voor de anesthesist.
Voorbereiding op de ingreep
Voor de ingreep heb je een afspraak bij de anesthesist in het preopnamecentrum.
De anesthesist bespreekt eventuele risico's die samenhangen met uw persoonlijk dossier. Op die consultatie komen ook andere onderwerpen aan bod: pijnstilling na de ingreep, het al dan niet stopzetten van medicatie enz. Breng een actueel overzicht van uw huidige medicatie mee. Als u al over recente onderzoeksresultaten beschikt – bloedafname, elektrocardiogram, beeldvormend onderzoek – brengt u die ook mee.
Ruggenprik
Zonder contra-indicaties heeft een ruggenprik de voorkeur. Die wordt geplaatst voordat de algemene narcose van start gaat. Om een ingreep aan de slokdarm tot een goed einde te brengen, moet de anesthesist over een aantal katheters beschikken: een infuus in de halsregio om vocht en medicatie toe te dienen, een katheter in de arm om nauwgezet de bloeddruk op te volgen, een maagslang om het overtollige maagvocht te verwijderen. Daarnaast zijn nog een blaassonde nodig en enkele slangetjes (drains) ter hoogte van de buik en ter hoogte van de borstholte om inwendig vocht en bloed af te voeren.
Slokdarmheelkunde vergt specifieke expertise vanuit meerdere disciplines: chirurgie, anesthesiologie en intensieve zorgen. Het multidisciplinair overleg en de rijke ervaring van ons centrum zorgen ervoor dat de perioperatieve risico's tot een minimum worden beperkt.